zondag 26 juni 2022

Amor Towles ||The Lincoln Highway

Towles imponeerde enige jaren geleden met een roman, A Gentleman in Moscow, waarin zijn hoofdpersoon veroordeeld was om de rest van zijn leven door te brengen in een hotel. Dit gegeven leverde een roman op die de kritische lezer confronteerde met de vraag ‘had ik dit ook gekund?’ onderwijl diezelfde lezer te laten gloeien in warmte. Die warmte is ook aanwezig in The Lincoln Highway. Het originele gegeven uit de eerste roman is echter vervangen door een traditioneel thema: de grote Amerikaanse reis. In dit geval langs de Lincoln Highway ergens in de jaren vijftig.

Broers Emmett en Billy willen via de Lincoln Highway vanuit Nebraska naar San Francisco reizen. Emmett heeft een straf uitgezeten in een jeugdgevangenis en snakt er nu naar om elders een nieuw leven op te bouwen. Hij heeft al een gedegen verdienmodel met het opknappen en weer verkopen van huizen in zijn hoofd. Twee jongens uit de gevangenis gooien roet in het eten.

Duchess en Woolly hebben Emmett veelvuldig horen praten over zijn auto. Zij hebben bedacht dat ze Emmett overhalen hen met deze auto naar New York te rijden. Dat Emmett hier geen zin in heeft, bevreemdt niet. Dat hij desondanks toch met zijn broertje en beide heren op pad gaat, past natuurlijk mooi in het verhaal. Wat ook mooi past is dat Duchess zonder enige schroom en waarlijk vanuit de diepe overtuiging dat hij Emmett helpt doodleuk met de auto en het daarin verstopte geld wegrijdt en beide broers aan hun lot overlaat. Hij gelooft waarschijnlijk zelf als enige dat hij die auto weer terugbrengt naar Emmett (in het vermoeden dat Emmett terugkeert naar de boerderij waar hij is opgegroeid).

Emmett doet dat natuurlijk niet; hij zet samen met Billy, zonder enige cent op zak, de achtervolging in. Met de trein, een lege wagon in een goederentrein wel te verstaan. Het spreekt voor zich dat die treinreis natuurlijk een manier is om een diverse groep mensen tegen te komen. Mensen die de jongens willen beroven, mensen die hen beschermen en over hen waken. Eenmaal aangekomen in New York helpt één van deze mensen hen weer verder. Hoe of wat zal ik niet verklappen. 

The Lincoln Highway is vakkundig opgebouwd uit hoofdstukken die steeds verteld worden door iemand uit de roman. De meeste hoofdstukken worden logischerwijs verteld door Emmett, Duchess en Woolly; een groot aantal van de nevenfiguren leveren ook interessante bijdragen.  Towles bouwt op deze wijze gestaag zijn verhaallijn op met bewust gekozen zijlijnen. Interessant vooral omdat het merendeel van de vertellers uit deze zijlijnen bepaald geen leven leidt dat voldoet aan de maatschappelijke standaard in de jaren vijftig van de VS (of nu om heel eerlijk te zijn). Deze zijlijnen voegen daardoor de hoog noodzakelijke diepte toe aan de roman. 

Die extra diepte is nodig, omdat  Emmett, Billy, Duchess en Woolly prima voldoen aan allerlei stereotypes maar daardoor wel heel voorspelbaar worden. Emmett is degelijk, ‘een toekomstig pilaar van de maatschappij’, Duchess daarentegen, de zoon van een oplichter, blijkt uit hetzelfde materiaal als zijn vader geschapen te zijn. Hoewel hij er zelf van overtuigd is dat hij zijn vrienden aan het helpen is, dat hij onrecht uit het verleden recht zet, blijkt keer op keer dat hij geen geweten heeft, een enkel moreel bewustzijn. 

Billy is een schatje; het typetje super eigenwijs jochie dat met feitjes en leerzame verhalen de wereld aan zijn voeten krijgt. Zet hem een brilletje op en het beeld verschijnt waarschijnlijk ogenblikkelijk  het netvlies. Woolly is de meest tragische van het viertal. Hij is een telg uit een stinkend rijke familie, al generatieslang toonaangevend en bepalend in zaken en politiek. Woolly beschikt helaas niet over de juiste kwaliteiten om in zijn familie mee te komen. In deze tijd vermoed ik dat hij al lang voorzien was van een etiketje en met de juiste medicijnen  op weg geholpen was. In de jaren vijftig was hij als kind al een mislukkeling. Dat Duchess hem probeert te helpen (en daarmee natuurlijk ook hem zelf) siert hem, Woolly verdient die hulp.

The Lincoln Highway volgt de traditie van de Amerikaanse road trip, een traditie die meestal ook voorschrijft dat een dergelijke trip eindigt met wijze lessen, de juiste inzichten en een nieuwe start. Die nieuwe start komt er, in dit geval zit het venijn van de roman echt in de staart en kijk je na het lezen van de laatste pagina’s opeens met andere ogen naar Emmett en Billy, de boegbeelden van deugdelijkheid. Door wat in die laatste pagina’s gebeurt krijgt de hele roman alsnog bepaald een nare, bittere nasmaak.


 


zondag 19 juni 2022

Emily St. John Mandel || Sea of Tranquility

Ergens halverwege het tweede hoofdstuk van Sea of Tranquility begon ik mijzelf af te vragen, ‘dat verhaal over die oplichters? Heb ik dat niet eerder gelezen?’. En ja hoor, St. John Mandel introduceert enkele van haar personages uit The Glass Hotel opnieuw. Slechts één van de slimme ingrepen die van Sea of Tranquility een geweldige roman maken.

St. John Mandel heeft een roman geschreven over tijd, tijd reizen en de intrigerende vraag, gesteld in 2041, of de mensheid echt bestaat of slechts een computerprogramma is. Een kleine storing in drie verschillende jaren maakt dat wetenschappers zich zorgen maken. Eén van de personages uit een Sea reist terug in tijd om uit te vinden wat de storingen heeft veroorzaakt. Gaspery-Jacques Roberts accepteert deze opdracht, zich niet realiserend welke impact deze zal hebben op zijn leven.

Roberts moet terug in de tijd: naar 1912, 2020 en 220. Hij moet daar alleen maar observeren en mag absoluut niets doen waardoor tijd verstoord kan raken. Eenmaal terug in tijd realiseert hij zich echter al snel dat dit betekent dat hij moet toezien hoe iemand op een psychiatrische afdeling belandt of naar een zekere dood veroorzaakt door een gevaarlijk nieuw virus. St.John Mandel zet haar lezers aan het denken: wat zou jij doen? Zou jij een vrouw ziek laten worden indien je haar ook aanraden aarde zsm te verlaten? Of zou jij een jongeman in de waan laten dat de storing die hij heeft gezien een symptoom van gekte is?

St. John Mandel zet haar lezers wel vaker aan het denken. Zij confronteert ons meteen wereld in de toekomst die geteisterd wordt door steeds meer en steeds dodelijkere virussen en combineert dat met de afschuwelijke effecten van kolonisatie: oorspronkelijke bewoners bezwijken massaal aan door westerlingen geïntroduceerde ziektes als mazelen en waterpokken. Haar laatste wereld lijkt al die ellende te hebben overwonnen, maar zal zich moeten wapenen tegen de vraag wat te doen indien wereld en mensheid slechts computersimulaties blijken te zijn. Dan zal keer op keer de vraag gesteld worden die Shakespeare onsterfelijk maakte: ‘to be or not to be’.

Sea of Tranquility is zo opgebouwd dat structuur de plot perfect ondersteund. De roman start in 1912, elk volgend deel brengt ons verder in tijd. En vanaf 2401 weer terug naar 1912. In elk deel is een rol weggelegd voor Roberts, elk deel is onderdeel van de verstoring. Pas op het allerlaatst ontdekken we de waarheid; een waarheid die voor de wetenschappers blijkbaar te voor de hand liggend was.

Sea of Tranquility gaat dus over tijd, over een wereld die voortdurend veranderd en tegelijkertijd stil lijkt te staan. Personages Roberts, Edwin St. John St. Andrew, Vincent en Mirella, auteur Olive Llewellyn leven allemaal in verschillende eeuwen, zelfs op verschillende planeten. Toch komen hun levens wonderbaarlijk overeen. Tijd lijkt niet zoveel verschil gemaakt te hebben.

St. John Mandel heeft een intrigerende roman geschreven die prachtige zinnen combineert met een vloeiende stijl die maakt dat je aan één stuk door wilt lezen. Een vloeiende stijl die maakt dat zij haar personages met een paar raak gekozen penseelstreken neerzet, dat wij een helder beeld krijgen van de verschillende perioden in tijd ondanks een minimum aan informatie.

Ik heb genoten van Sea of Tranquility. De roman boeide van begin tot einde, mijn enige klacht dat die maar 250 pagina’s omvatte. Ik had graag een heel dikke versie willen lezen, eentje die me meer tijd haf gegeven in Mandel’s wereld.




zondag 12 juni 2022

Wie zou er moeten winnen?

 

Women’s Prize for Fiction 2022

Ik vermoed dat het voor de Jury van de Women’s Prize nog wel eens knap lastig zou kunnen worden om dit jaar een winnaar te selecteren. Niet omdat de romans op de shortlist niet goed zouden zijn, maar omdat naar mijn bescheiden mening geen enkele van de romans er met kop en schouder boven uitstak. De romans waren stuk voor stuk goed, maar na afloop ontbrak bij mij bij alle zes het wauw-gevoel. Ik had niet de indruk dat ik een uitzonderlijke roman had gelezen. 

Wat me wel opviel bij het merendeel van de romans en daar was ik zeker wel over te spreken, waren de sterke karakters die de auteurs hun belangrijkste personages hadden meegegeven. Allemaal op hun eigen manier maar er bleken ook overeenkomsten.

De personages die twijfelden aan zichzelf maar in realiteit behoorlijk sterk bleken. Of het nu de puber uit The Book of Form was, de mishandelde vrouw uit The Devil of de aan depressies lijdende hoofdpersoon uit Sorrow and Bliss, uiteindelijk bleken ze aan het einde van de roman allemaal hun innerlijke kracht te hebben (her)vonden en waren ze sterk uit de strijd gekomen. 

De personages die omdat ze vrouw, Native American zwart of moslima waren al met een achterstand aan de wedstrijd begonnen. De doorzetter uit Great Circle, de rouwdouwer uit The Sentence maar ook de kritische puber uit The Island moesten eerst obstakels veroorzaakt door afkomst overwinnen. 

Vanuit deze optiek ligt er een sterke shortlist. Misschien dat geen enkele roman een wauw-gevoel bij me heeft veroorzaakt, maar de personages overtuigden en maakten indruk op me. Samen droegen zij bij aan een behoorlijk stevige shortlist.

En wie zou er nu moeten winnen? Ik vermoed dat ik dan toch een lichte voorkeur heb voor Elif Shafak’s The Island of Missing Trees of Louise Erdrich’s The Sentence. De één omdat ik nog nooit een roman heb gelezen waarin ik zo meeleefde met een vijgenboom en de ander omdat personages en gebeurtenissen feilloos bij elkaar kwamen in een roman die mij veel leerde over zelfbewuste Native Americans.  




zondag 5 juni 2022

Lisa Allen – Agostini – The Bread the Devil Knead

 

Women’s Prize for Fiction Shortlist 2022

Lisa Allen-Agostini heeft een roman geschreven over een sterke vrouw, Alethea. Detail dat deze goedgebekte manager bij een kledingwinkelketen zich verrot laat staan door haar vent, Leo. We ontmoeten Alethea vlak nadat hij haar weer een keertje in elkaar geslagen heeft en vlak voordat een aantal gebeurtenissen haar leven drastisch gaat veranderen.

Zo spreken twee collega’s hun ongerustheid uit over de veiligheid van Alethea. Hoewel Alethea hun angsten wegwimpelt, lijken ze toch enigszins effect te hebben. Zeker de zorg van Tamika die meer dan een collega is, blijft hangen. Ze laat zich door haar ook verleiden mee te gaan naar een groot feest, om niet thuis te blijven hangen.

Dat was namelijk wat Alethea deed: in het huis van Leo rondhangen en op hem wachten. Goede baan of niet. En oh, een affaire hebben met de eigenaar van de keten en daarmee olie op het vuur gooien. Hoewel deze man haar niet slaat, lijkt hij toch een onderdeel van een vicieuze cirkel: een relatie starten met de verkeerde man (slaan of getrouwd) en dan op een gegeven ogenblik een mooi excuus hebben om ermee op te houden.

The Bread the Devil Knead is een bewustwordingsroman, bijna ‘coming of age’ ware het niet dat ALethea toch echt de 40 nadert. De opbouw van de roman doet er echter wel sterk aan denken; ik was dan ook niet helemaal verrast toen ik ontdekte dat Allen-Agostini eerder Youth Adult had geschreven. In The Bread beschrijft zij eerst de situatie, voegt dan omstandigheden toe die de cirkel kunnen doorbreken en gaat dan over naar het moment waarop die cirkel inderdaad doorbroken wordt en alles weer goed komt (of dat laatste nu ook gebeurt, laat ik aan jullie over).

Situatie: vrouw die wordt mishandeld. Nieuwe omstandigheden: de terugkeer van twee personen die essentieel waren tijdens de jeugd van Alethea. Hartsvriendin Jankie en halfbroer Colin. Met hen keren ook de herinneringen aan het verleden terug en wordt het de lezer al snel duidelijk waarom Alethea zich laat mishandelen door Leo. Hun komst zet een onomkeerbaar proces in werking dat letterlijk eindigt met een knal. En een nieuw begin voor Alethea.

De opbouw van de roman is niet verbijsterend verrassend: Allen-Agostini werkt vrij lineair toe naar de apotheose en voegt op goed geplande momenten terugblikken naar het verleden in. Meisje en volwassen Alethea vertellen zo het verhaal. Alethea is de ik-figuur, we krijgen dus steeds haar kant van het verhaal te horen. Slecht op één enkel moment schakelt Allen-Agostini om naar het perspectief van Leo, wel een  halve pagina lang. Het was interessant geweest als ze dat vaker had gedaan.

The Bread the Devil Knead speelt zich af op het eiland Trinidad. Het is knap hoe Allen-Agostini er tegelijkertijd in slaagt een beeld te schetsen van een eiland waar de zon altijd schijnt, vrolijkheid en levendigheid overheersen maar ook de duistere kant te laten zien. Het feit dat mishandelende mannen aan de orde van de dag zijn, het gegeven dat criminaliteit diep verweven zit in de krochten van de samenleving, dat corruptie en vooral de juiste mensen moeten kennen hand in hand gaan.

The Bread is vooral de moeite waard door dit beeld dat Allen-Agostini schept van Trinidad, het eiland springt bijna van de pagina’s af. En natuurlijk Alethea, de vrouw die van begin tot einde boeit en waarvan je als lezer, bijna tegen beter weten in, blijft hopen dat ze tot inzicht komt. Dat Allen-Agostini in een volgende roman zichzelf misschien nog iets meer mag uitdagen en wat meer mag wegstappen van Youth Adult is bijna een detail.