vrijdag 24 maart 2017

C.E. Morgan || The Sport of Kings-

Op de toelichting van mijn bibliotheekboek heeft de bibliothecaresse genoteerd 'een verhaal over twee totaal verschillende mannen met eenzelfde passie voor paarden'. Je kunt gerust stellen dat dit Sport of Kings zeer tekort doet. Degenen die een meeslepend epos verwachten over vriendschap in de wereld van de paardensport zullen lelijk op hun neus kijken. Ik vermoed dat deze lezers de roman na een pagina of wat teleurgesteld wegleggen. Niet alleen dat Sport of Kings over meer gaat dan de vriendschap tussen twee mannen van totaal verschillende achtergrond, zeker de eerste hoofdstukken van Sport of Kings zijn bepaald niet eenvoudig geschreven.

Sport of Kings is een epos over de nog steeds na-ijlende effecten van slavernij in de zuidelijke Amerikaanse staten en over het effect van een liefdeloze opvoeding in een welgesteld gezin of juist van een liefdevolle opvoeding in een totaal kansloze omgeving. De roman is onverdeeld in lange hoofdstukken die zich grotendeels focussen op een hoofdpersoon. Daarbij sluit Samson nauw aan bij ' stream of consciousness'. Zij neemt ons niet letterlijk van minuut tot minuut mee in de gedachten van haar hoofdpersonen, zij adopteert in elk hoofdstuk de schrijfstijl en de onderwerpen die passen bij Henry Forge, Henrietta Forge en Allmon Shaughnessy. Gegeven het feit dat de twee Forge’s intelligente edoch zelf-geschoolde mensen met lichtelijke obsessies zijn, vliegen hun onderwerpen alle kanten op, van filosofie, bijbel, rassenleer, paardenanatomie, genetica tot geologie.

De eerste hoofdstukken zijn bepaald niet eenvoudig geschreven, Morgan overdondert haar lezers met informatie en met letterlijk stromen en stromen aan woorden. Ondertussen kamp je dan ook nog eens met een groeiende walging voor de ideeën van Henry Forge en zijn voorouders: het wordt opeens duidelijk waarom discriminatie en racisme nog aan de orde van de dag zijn in Amerika. Prehistorische ideeën over rassenongelijkheid blijken nog springlevend. Met Allmon maakt Morgan vervolgens de sprong naar een totaal andere wereld: die van een kansarme knul uit een eenoudergezin die bijna onomkeerbaar richting criminaliteit en gevangenis wordt geleid. Morgans schrijfstijl en onderwerpkeuze past zich naadloos aan aan de wereld van arme Afrikaans-Amerikaanse burgers, hun gebrek aan scholing, hun armoede en uitzichtloosheid. Allmon lijkt vanaf het begin af aan gedoemd.

De eerste rode draad is 'het paard', racepaarden wel te verstaan. De een fokt ze, de ander verzorgt ze. Het enige dat Henry en Allmon bindt is hun ambitie om te scoren met een paard en er veel geld aan te verdienen. Paardenliefhebbers zullen de hoofdstukken over de fokmethodes bepaald niet fijn vinden. Om een of andere reden moeten in de racewereld paarden al op hun tweede laten zien dat ze goed zijn, dan mogen ze op hun derde excelleren (oftewel veel geld binnen halen) en vanaf hun vierde mogen ze lekker veulentjes gaan krijgen of zaad doneren. Dat zo'n tweejarige nog lang niet het lichaam heeft om een massieve krachtsinspanning te plegen doet er niet toe. Met een beetje mazzel blijkt pas na hun wedstrijdfase dat hun botten vol haarscheurtjes zitten, dat spieren en pezen voorgoed vernield zijn. Het geld is dan al verdiend.

De tweede rode draad is Henriëtta, dochter en minnares. Zij is liefdeloos opgevoed, heeft haar lichamelijke behoefte vervuld met een waslijst aan one-night stands en wordt tegen wil en dank hopeloos verliefd op Allmon. En helaas, ook in dat opzicht komen de liefhebbers van de ' feel good' roman niet aan hun trekken. Zonder al teveel in te gaan op wat er gebeurt, de liefde tussen blanke rijkeluisdochter en Afrikaans-Amerikaanse achterbuurtjongere redt het niet, de liefde blijkt geen bindmiddel tussen de drie hoofdpersonen. Geen ' Say Yes to the Dress'-finale met trotse papa, een traantje wegpinkende bruidegom en stralende bruid zullen we maar zeggen.

Sport of Kings is bepaald geen eenvoudige roman. Het is een roman met een boodschap die wordt gecombineerd met een tragisch relaas over falende relaties tussen mensen. De enge ideeën over doorfokken van paardenbloedlijnen sluiten naadloos aan bij het diep-geankerde racisme van een Henry. Forge. Morgan speelt doelbewust met haar lezers en met de hoeveelheid tekst die deze aan kunnen. Ergens halverwege stelt ze die vraag namelijk letterlijk: ' overspoel ik jullie niet? Kunnen jullie de hoeveelheid informatie die ik geef wel aan?'. Ik vrees dat niet zo heel veel mensen 'ja' zullen antwoorden op die vraag en de moed zullen hebben Sport of Kings uit te lezen. Degenen die zich niet laten afschrikken, worden beloond met pittige, ingewikkelde fragmenten die doen denken aan bekende dichters als Whitman en TS Eliot. En met passages die huiveringwekkend laten zien hoe opvoeding kan falen. Zeker geen peulenschil deze roman maar voor de doorzetters zeer de moeite waard.



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen