vrijdag 18 augustus 2017

Sebastian Barry || Days Without End



Normaliter zou ik niet echt gelukkig geworden zijn van Days Without End. Een boek met een grote hoeveelheid veldslagen is niet echt mijn pakkie-an. Toch heb ik voor het grootste deel genoten van Barry’s roman; ergens tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog had ik het wel gehad met de veldslagen maar toen bleken ze zo goed als voorbij. Ik was onder de indruk van Days Without End om drie redenen: het meer dan prachtige taalgebruik van Barry, de onontkoombare conclusie dat geweld niet klopt en de hoofdpersoon Thomas McNulty.

Om met het eerste te beginnen. Barry schrijft wondermooi. Zijn beschrijvingen van veldslagen zijn in hun gruwelijkheid tegelijkertijd van een onovertroffen poëtische schoonheid. De hele roman is één aaneenschakeling van prachtige beeldende metaforen, van ingenieus geconstrueerde zinnen. Ik merkte als vanzelf dat ik langzaam ging lezen, omdat ik wilde genieten van Barry’s bijna dichterlijke schrijfstijl. Ik heb de 250 pagina’s zo lang mogelijk gerekt.

Barry beschrijft veldslagen en ware slachtpartijen. Omdat pragmaticus Thomas steeds vaker de waarom-vraag stelt en tot de conclusie komt dat het eigenlijk allemaal zinloos is, is Days Without End in feite één grote aanklacht tegen geweld: tegen de Indianen, hun buffels, landgenoten, individuen.

En dan Thomas. De roman start wanneer hij piepjong is en zijn beste vriend John Cole ontmoet. Samen treden ze op in saloons, gaan ze in het leger om te vechten. Eerst tegen de indianen die langzaam maar zeker door kolonisten van huis en haard worden verdreven, daarna in de Amerikaanse Burgeroorlog. Thomas, van Ierse afkomst en zonder noemenswaardige opleiding, is aan de ene kant zeer pragmatisch (de kolonel zegt dat ik op die Zuiderlingen moet schieten, dus dat doe ik dan maar) en tegelijkertijd filosofisch. Tijdens de veldslagen groeit langzaam maar onoverkomelijk de vraag ‘waarom doen wij dit? Wat is nut en noodzaak van al dit bloedvergieten?’. Zo accepteert Thomas ook zeer pragmatisch dat hij maar beter niet kan vertellen dat John en hij geliefden zijn, maar vindt hij het niet meer dan normaal dat hij van een man houdt en eigenlijk liever vrouwenkleren draagt. Zijn liefde voor John is diep, hij kan zich een leven zonder hem niet voorstellen.

Aan het einde van de roman zat ik aan mijn NS-stoel gekluisterd. Pragmatisme en liefde komen samen in een bloedstollend einde, waarin Thomas gescheiden dreigt te worden van zijn geliefden. Lees de roman vooral zelf om te weten te komen of ik Days Without End opgelucht of diepbedroefd neersloeg. Voor nu is het genoeg om te weten dat ik onder de indruk was van deze prachtig geschreven roman.



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen