zondag 8 januari 2017

Natasha Pulley || The Watchmaker of Filigree Street


Sorry, ik geef de clou weg

Om een of andere reden had ik moeite om in het verhaal te komen. Terwijl dit toch eigenlijk best interessant was: Mysterieus horloge waarschuwt ambtenaar Thaniel voor bomaanslag, het spoor leidt naar een Japanse horlogemaker, Mori. Tussen beide mannen ontwikkelt zich een hechte vriendschap. Tegelijkertijd vecht in Oxford Grace, een rijke erfgename, tegen een gedwongen huwelijk. Zij wil haar leven het liefste aan de wetenschap wijden, haar familie kijkt daar in de 19e eeuw anders tegenaan. Op een society-feestje ontmoeten Grace en Thaniel elkaar en besluiten zij van de nood een deugd te maken: ze forceren een situatie waardoor ze wel moeten trouwen. Ondertussen wordt steeds meer duidelijk over Mori: hij leeft op een of andere verkeerd om in de tijd: zijn verleden is onze toekomst. Dus weet hij dat hij Thaniel met zijn horloge kan beschermen tegen de bomaanslag, en weet hij ook dat hun vriendschap niet platonisch blijft. Dat Mori zijn krachten af en toe om de verkeerde redenen inzet wordt ook duidelijk, hij is eigenlijk best wel gevaarlijk. Voor mij werd het boek interessant op het moment dat het minder om de gadgets en methode ging en meer om de mensen. Zowel Thaniel als Grace zijn interessante mensen die vechten tegen de keuzes die zij noodgedwongen moeten maken. Dat Grace een huwelijk overweegt met een bijna wildvreemde man om op die manier het huis in bezit te krijgen dat zij had zullen erven is zowel wanhopig als dapper. En dat geldt ook voor Thaniel die datzelfde huwelijk overweegt om zijn zus en haar kinderen van een goed bestaan te voorzien. Uiteindelijk kiest Thaniel toch voor Mori (nog rijker dan Grace overigens) en blijkt de Japanse studievriend van Grace toch diepere gevoelens voor zijn o zo onvrouwelijke maatje te koesteren. Grace wacht een mooie toekomst in Japan.

The Watchmaker had een romance met wat ‘phantasy’-trekjes kunnen blijven ware het niet dat Pulley op vakkundige wijze de Britse en Japanse wereld schetst, en vooral laat zien hoe bevooroordeelde de Westerse wereld naar een cultuur met voor hen onbekende gewoontes aankijkt. Dat blijkt het mooiste uit de repetities voor de Mikado, waar Thaniel, een begenadigd pianist, met hulp van Mori een rol in krijgt. Ik heb de Mikado altijd gezien als onschuldig vermaak, ik realiseer mij door de Matchmaker hoe beledigend de musical in feite was.
Conclusie: The Matchmaker is een aardige roman die voor mijn smaak in het begin teveel focust op de harde kant en mij grijpt zodra de zachte kant de ruimte krijgt.


zaterdag 31 december 2016

2016 in boeken


Voor degenen die mijn blog regelmatig volgen, zal het niet als een verrassing komen dat ik niet echt iets op heb met geweld. Ik was dan ook opgelucht, dat de boeken die ik in 2016 gelezen (niet noodzakelijkerwijs geschreven in dat jaar) veelal niet gewelddadig waren. De overdosis aan geweld die ik in 2015 tot mij had genomen, bleek dit jaar dan ook beperkt. Tot mijn grote blijdschap kwam ik dit jaar volop aan mijn trekken met meer beschouwende romans die het moeten hebben van hun subtiliteit. Het zal niemand verbazen dat mijn top drie voor dit jaar bestaat uit romans waarin teruggekeken wordt, waarin op subtiele wijze gehint wordt op een moeilijk verleden en waarin mensen centraal staan.

Verrassend
Degene die mij totaal verraste was Ann Leckie met haar Sword-trilogie. Ik ben bepaald geen fan van sci-fi maar haar boeken over een sterrenstelsel waar mensen in ruimteschepen veranderen en heersers zichzelf ontelbare keren klonen, fascineerde mij van begin tot einde. Inmiddels heb ik de boeken al vaker cadeau gegeven en hoor ik ook van de ontvangers enthousiaste geluiden terug. Een andere roman die positief verraste was The Girls van Emma Cline. Ik vreesde een door de hype opgeblazen roman en werd verwend met een goed geschreven roman die mij ook nog eens aan het denken zette. Ook ik had één van The Girls kunnen zijn.




Sorry, niet voor mij
Er zijn helaas ook boeken die ik achteraf niet persé had hoeven lezen. Mijn derde poging om Howard Jacobson te waarderen mislukte ook met Shylock, ik ben inmiddels tot de conclusie gekomen dat Jacobson mij niet ligt, ik laat zijn romans vanaf nu links liggen. De twee romans over het leven van Jesus geschreven door toch echt niemand anders dan JM Coetzee vielen mij zwaar tegen. Ik had zijn gebruikelijke wrange schrijfstijl gecombineerd met een pijnlijk schurend verhaal maar kreeg een filosofisch betoog. Helaas niet mijn pakkie-an.





Mijn favorieten
Mothering Sunday van Graham Swift had wat mij betreft dit jaar de Booker mogen winnen. Het is verbazingwekkend, dat de roman de longlist niet eens gehaald heeft. Kijkend naar het contrast met de winnaar snap ik het wel. Waar The Sellout vooral snel en ‘streetwise’ is, kiest Swift voor een gedetailleerde beschrijving van een allesbepalend moment in het leven van twee personen. Langzaam maar gestaag werkt hij toe naar de apotheose.




In  Lucy Barton neemt Elizabeth Strout ons ook mee in zo’n allesbepalende periode in het leven van haar hoofdpersoon. Geen grootse gebaren of gebeurtenissen maar een bijna verstild beeld van een complexe jeugd waarin het uiten van liefde niet aan de orde was. Strout schrijft bijna afstandelijk over Lucy Barton en benadrukt zo dat deze vrouw niet gemakkelijk te vatten is.


Madeleine Thien redde het wel naar de shortlist, ik had haar Do Not Say We have Nothing graag de Booker gegund. Thien vertelt een complex verhaal en slaagt erin haar hoofdpersonen met al hun fouten en tekortkomingen tot leven te wekken. Waar ik in eerdere romans over de Chineze revolutie volledig afhaakte op het totale gebrek aan zelfreflectie bij de hoofdpersonen relativeert Thien dat wat haar hoofdpersonen overkomt en de keuzes die zij maken.


vrijdag 30 december 2016

De lichtere kost ...

In 2016 heb ik ruim één boek per week gelezen en besproken in BooksandLiliane. Daar blijft het echter niet bij. Naast deze verantwoorde boeken neem ik namelijk ook nog aardig wat lichtere stof tot mij. Om te beginnen ben ik bepaald verslaafd aan Elizabeth George, Christopher Brookmyre en Robert Galbraith. Omdat zij alle drie dit jaar nieuwe romans uitbrachten, ben ik weer heerlijk aan mijn trekken gekomen. Detective Lynley en zijn compagnon Barbara Havers vervelen na zo’n 25 jaar nog steeds niet, journalist Jack Parlabane verliest zijn streken gelukkig nooit en Cormoran Strike lijkt een blijvertje. Om een of andere reden besloot ik ergens dit jaar dat tijd was voor Nicci French en haar kleurenserie. Strak geschreven zoals altijd maar af en toe net iets te voorspelbaar. Psychiater Frieda boeide tot aan het einde.  Tijdens mijn vakantie in Canada heb ik Louise Perry ontdekt en is een nieuwe verslaving ontstaan: haar inspecteur Gamache is de Frans-Canadese  versie van Barnaby in de Midsomer Murders. Hoewel zijn basis in Montreal ligt, vertoeft hij meer dan regelmatig in een lieflijk dorpje in de Canadese bossen waar aan de lopende banden lijken opduiken, wat geleidelijk aan leidt tot hechte vriendschappen met een klein groepje dorpsbewoners. Omdat zij elke roman weer opduiken, voegt Perry elk boek weer nieuwe informatie over deze mensen toe, en dat maakt de romans extra leuk. Ik wacht nu met smart op deel 7, het is gereserveerd bij de bieb. Een andere serie waar ik mij dit jaar op geworpen heb, valt vrees ik onder de categorie ‘geheime genoegens’: de ‘grave’-serie van Darynda Jones. Wat zal ik zeggen? Een vrouwelijke hoofdpersoon met voluptueuze vormen en ADHD die Magere Hein blijkt te zijn en verdwaalde doden naar het hiernamaals begeleidt. En verliefd is op de zoon van Satan, naar de aarde gestuurd om haar te vermorzelen. Klinkt goed, nietwaar? Als het om de liefde gaat en romans waarin het meisje aan het einde natuurlijk in de armen valt van de held, dan is Kathy Fforde natuurlijk nog steeds onovertroffen. Haar laatste romans ontberen de humor van haar eerste romans, het blijven echter heerlijke romans om eventjes bij weg te zwijmelen. Liefde, romantiek en de o zo Britse sfeer maken Fforde wat mij betreft tot een jaarlijks verplicht nummer, gelukkig voldoet ze met liefde aan die opdracht.








donderdag 29 december 2016

Rose Tremain || The Gustav Sonata

In The Gustav Sonata volgt Rose Tremain de vriendschap tussen twee mannen. Hun verschillende achtergronden, wensen en ambities komen naadloos bij elkaar. En passant maakt Tremain ook nog eens duidelijk dat de neutraliteit van een land probleemloos kan leiden tot het sluiten van de ogen voor de realiteit en het kiezen van partij. Zwitserland hield vanaf een bepaald moment op om Joden toe te laten die vluchtten voor het Nazi-regime. Gustav’s vader is één van de mensen die niet kon toezien hoe onschuldige mensen teruggestuurd werden naar Duitsland. Zijn echtgenote, Emilie, verwijt dit ‘de Joden’ de rest van haar leven: haar comfortabele leven als echtgenote van een politieagent komt abrupt tot een einde wanneer zijn daden leiden tot oneervol ontslag. Baby Gustav groeit op met een verbitterde moeder, die hem opvoedt maar niet van hem houdt. Het zorgt ervoor dat de volwassen Gustav nog steeds zijn uiterste best doet om de mensen om hem heen tevreden te stellen, hen een goed tehuis te bieden. Zijn beste vriend Anton lijkt een tevreden bestaan te leiden, maar lijdt onder het feit dat hij, een talentvol pianist, zijn plankenkoorts niet onder controle kan houden. Hij moet zich tevreden stellen met een leven als muziekleraar.
Tremain heeft haar roman opgedeeld in meerdere tijdsvlakken; zij laat Gustav en Anton zien als jonge kinderen en pakt daarna de draad weer op wanneer de mannen de vijftig naderen. Gustav’s ouders dienen om nog verder terug te gaan in de tijd en te laten zien hoe de Tweede Wereldoorlog ook mensen beïnvloedde die zogenaamd neutraal waren. Een korte scheiding waarin Emilie terugkeert naar haar ouderlijk tehuis maakt duidelijk waarom Emilie moeite heeft om van Gustav te houden: zij is zelf opgevoed door een totaal liefdeloze moeder. Toch bekruipt mij als lezer de indruk dat Emilie hoe dan ook niet echt een aardige vrouw was geworden. Gustav laat zien hoe het anders kan: hij ontfermt zich liefdevol over de mensen om hem heen en waakt over Anton. Dat hij meer dan platonische gevoelens voor zijn vriend heeft, is al vrij snel duidelijk. Hij zet hun vriendschap echter nooit op het spel.
The Gustav Sonata is geen roman van het grote gebaar, van de dramatische gebeurtenissen. Tremain blijft onderkoeld en neemt ons vrij beschrijvend mee in het leven van beide vrienden. The Gustav Sonata moet het vooral hebben van subtiliteit, iets waarvan ik – het moge inmiddels duidelijk zijn – een liefhebber ben. De combinatie van juist gekozen woorden in fraaie complexe zinnen met de opbouw van het verhaal maakt dat The Gustav Sonata werkt. Tremain laat zien hoe jeugd en opvoeding van invloed kunnen zijn op de levens van mensen. Ze laat ook zien dat wat voor de één werkt voor de ander beperkend en verstikkend kan zijn. Gustav lijkt op het eerste gezicht een saaie man, Tremain laat zien dat vriendschap en loyaliteit opwegen tegen een leven vol opwinding.