Posts tonen met het label British writer. Alle posts tonen
Posts tonen met het label British writer. Alle posts tonen

zondag 12 februari 2023

Kate Atkinson – Shrines of Gaiety

Op het eerste gezicht zou je Shrines of Gaiety kunnen afdoen als een vermakelijke schelmenroman, spelend in de jaren dertig met als middelpunt een niet helemaal binnen de lijntjes tekenende familie die een aantal nachtclubs runt. Ik vrees dat je Atkinson dan zwaar tekort doet. Shrines of Gaiety kan op veel aspecten de concurrentie aan met de betere Dickensiaanse voorgangers. Ik leg uit waarom.

In de eerste plaats het aantal personages en het aantal verwikkelingen die aan het einde van de roman allemaal hun eigen plekje in de roman gevonden hebben.

De familie Coker runt op fenomale wijze de nachtclubs, of liever gezegd dat doet materfamilias Nelly. Haar kinderen kunnen op geen enkele wijze tippen aan haar. Sommige van die kinderen interesseert dat bepaald niet. Niven omdat hij in de Eerste Wereldoorlog teveel gezien heeft en de drie jongere dochters omdat ze andere zaken aan hun hoofd hebben. Dochter Edith lijkt wel degelijk in staat haar moeders koninkrijk op een gegeven ogenblik over te nemen, zij brengt het door een persoonlijke keuze echter bijna tot val. Zoon Ramsay komt liefde tekort, hij lijdt vooral onder het feit dat zijn moeder hem – niet geheel onterecht – niet serieus neemt.

En dan de personages aan de goeie kant. Inspector Frobisher die alles in zich heeft om een waardig opvolger van Atkinson’s Jackson Brody te worden, onnozel gansje Freda die denkt dat ze met haar talent London wel eventjes zal veroveren. Zij komt van een koude kermis thuis, realiseert zich waarschijnlijk niet meteen dat die koude kermis haar kracht, empathie en doorzettingsvermogen juist naar boven halen.  Gwendolen Kelling is de volwassen geworden George uit Enid Blython’s De Vijf. Kordaat, nergens bang voor, bereid de wereld stormenderhand te nemen en elk obstakel uit de weg te ruimen. Pas wanneer één van de twee mannen in haar leven eindelijk vermeldt dat hij getrouwd is, wankelt ze.

Tussen de Cokers en de mensen aan de goede kant begeeft zich een groot aantal kleurrijke personages. Of juist grijze. De bibliothecaresses met wie Gwendolen jaren gewerkt heeft, de ongetrouwde dames in haar kosthuis … Atkinson zet ze feilloos neer. Dat geldt ook voor politieagent Oakes die een ietwat vreemde relatie tot de wet lijkt te hebben, de mysterieuze Azzopardi of de Veertig Dieven, een groep vrouwelijke zakkenrollers die op geheel eigen wijze opereren. Het knapste is nog wel de manier waarop Atkinson sleutelfiguur Maddox nauwelijks zelf ten tonele voert, er wordt vooral over hem gesproken, maar wel een scherp beeld neerzet van een corrupte agent.  

Had ik al gezegd dat Atkinson haar taal perfect beheerst? Zij is één van die auteurs die de meest prachtige zinnen uit haar pen laat rollen, die af en toe slechts een subtiel geplaatst woord nodig heeft om een situatie te duiden. En dan hebben we het nog niet eens over de af en toe barokke beschrijvingen van de nachtclubs en hun bezoekers of de bijna tastbare lugubure sfeer in de mortuaria. Het nachtleven maar ook de schrijnende omstandigheden van vele inwoners van Londen in de jaren dertig komen door het talent van Atkinson tot leven.

Eén aspect van Shrines of Gaiety heb ik nog niet belicht: de knappe wijze waarop Atkinson humor en harde realiteit afwisselt. Wanneer Freda kan intrekken bij een vroegere vriendin is het bijna hilarisch om te lezen hoe ons gansje echt niet snapt welk beroep die vriendin uitoefent, terwijl tegelijkertijd de armoede waarin zij leeft druipt van de pagina’s af.

Ik heb één grote fout gemaakt tijdens het lezen van Shrines of Gaiety: ik had steeds maar kort de tijd om te lezen waardoor ik eigenlijk te sporadisch in de wereld van Nelly Coker, Frobisher en Kelling werd ondergedompeld. Op het moment dat ik – met dank aan een langere treinreis – de tijd had, schoot ik door de roman heen en wilde ik niet meer stoppen met lezen (heb ik dus ook niet gedaan).

Oftewel, ik blijf een fan van Atkinson. Ik zie nu alweer uit naar haar volgende roman. 




 

 

 

zondag 29 januari 2023

Ian McEwan || Lessons


Ian McEwan is al sinds jaar en dag één van mijn favoriete schrijvers. Omdat ik zijn laatste romans iets minder vond, begon ik met enige vrees aan Lessons. Dit ondanks de laaiend enthousiaste recensies die ik tot mij nam. Mijn angst kwam voor een deel uit, voor een deel niet.

Om met het laatste te beginnen: ben jij net als ik al jaren een McEwan-fan omdat de man doodeenvoudig grandioos schrijft, dan moet je Lessons absoluut lezen. McEwan is als vanouds op dreef en heeft de prachtigste zinnen aan het papier toegevoegd. Ideeën en gedachten zijn verwoord op een manier waar ik alleen maar in bewondering naar kan kijken.

Ook de opbouw van de roman is ‘vintage’ McEwan: goed doordacht, geen speld tussen te krijgen. Beginnen in de jeugd van iemand maar ondertussen steeds de link met zijn volwassen leven blijven leggen. Af en toe leek het wel alsof McEwan een bijna lemniscaatachtige omgeving creëerde: alles is aan elkaar gerelateerd, alles komt bij elkaar terug.  

De hoofdpersonen zijn ook rasecht McEwan. Niks te rechttoe rechtaan, lekker extreme jeugdtrauma’s die zeker bij hoofdpersoon Roland en zijn (ex-)echtgenote Alissa de nodige verwikkelingen opleveren. Ook pianolerares Miriam is heerlijk verknipt en draagt haar steentje bij. Zo heel af en toe bekroop me desondanks wel het gevoel ‘was het verhaal niet net zo goed overgekomen indien Roland iets minder extreem was geweest’. Ik vermoed eerlijk gezegd van wel.

Eigenlijk is de verhaallijn niet zo moeilijk: we volgen Ronald, een ‘legerkind’ dat naar kostschool wordt gestuurd en daar misbruikt wordt door zijn pianolerares. Het misbruik beïnvloedt bepaalt de koers van zijn leven in hoge mate, met name omdat het hem belet langdurige relaties aan te gaan met mensen, bewust te kiezen voor een doel in zijn leven. Ronald kiest er na school voor om te gaan genieten en realiseert zich pas veel later dat hij daarmee bepaalde wegen voor zichzelf heeft afgesloten. Tegen het einde van de roman, realiseert zeventiger Roland zich het volgende: ‘ … that he lacked that immediate hands-on-hips automatic and grounded sense of the right course’.

Wat mij minder aansprak in Lessons was de wijze waarop McEwan het leven van Ronald koppelt aan de wereldgeschiedenis. Niet dat ik er op tegen ben dat geduid wordt wat er in de wereld speelt terwijl de hoofdpersonen hun dingen doen, het was meer dat het af en toe wel erg veel was. Ik prees mijzelf gelukkig dat ik de ontwikkelingen voor een belangrijk deel kon plaatsen (omdat ik doodeenvoudig zelf oud genoeg was om ze mee te maken) maar ik kan me voorstellen dat voor jongere lezers het uitleggerige verveelt. En tja, voor mij persoonlijk is er al snel sprake van teveel geschiedenis. Houd je ervan? Dan zul je smullen van deze roman.

Tegen het einde van de roman horen we de stem van McEwan achter die van Ronald. Hij geeft dan enkele pagina’s lang zijn mening over wat er in recente jaren speelt in de wereld. Ik moet toegeven dat ik dat persoonlijk wel wat zwaar op de hand vond en misschien niet helemaal passend in een literaire roman. 

Oftewel, geen makkelijke roman, niet eentje die je eventjes snel leest, soms moet je bepaalde passages misschien nog een keertje lezen. Lessons is een roman met veel bewonderenswaardige elementen waar je echt de tijd voor moet nemen.  




zondag 22 januari 2023

Maggie O’Farrell – The Marriage Portrait

Het is vanaf de eerste regels duidelijk dat hoofdpersoon Lucrezia de’Medici niet oud wordt en de roman waarschijnlijk niet gaat overleven. Hoe zij uiteindelijk overlijdt blijft tot de laatste pagina’s een mysterie. Het is de kracht van Maggie O’Farrell dat zij een vrij onbekende vrouw uit de 14e eeuw voor ons tot leven brengt.*

O’Farrell bewerkstelligt dat op drie manieren: de structuur van haar roman, haar waarlijk fantastische schrijfstijl en de wijze waarop zij ons meeneemt in het leven van een jonge vrouw die voorbestemd is om uitgehuwelijkt te worden. Omdat de roman focust op één jaar uit het leven van Lucrezia, is er geen sprake van diepe karakterontwikkeling. Daarvoor is de spanne gewoon te kort.

O’Farrell start haar roman met Lucrezia en echtgenoot Alfonso. Lucrezia dacht dat ze naar een lieflijk buitenhuis zouden gaan met zijn tweetjes (relatief dan, een hertog kan niet zonder een entourage), ze blijken na een zware tocht te paard gearriveerd in een strenge, onwelkome grenspost. Tijdens het eten weet Lucrezia het zeker: Alfonso gaat haar vermoorden. In de roman die volgt werkt O’ Farrell gestaag twee lijnen uit: het leven van Lucrezia vanaf haar geboorte, haar pogingen om haar dood te voorkomen. De hoofdstukken waarin de lijnen worden uitgewerkt, wisselen elkaar om en om af.

Lucrezia is een typische telg uit een voornaam adellijk gezin, voorbestemd om uitgehuwelijkt te worden. O’Farrell beschrijft het leven op het hof en laat zien hoe Lucrezia en haar zussen en broers klaargestoomd worden om hun plicht te vervullen. Protesteren heeft geen zin; het hertogdom heeft allianties nodig. O’Farrell beschrijft deze wereld met al haar pracht en praal maar ook met het onderliggende gevoel van machteloosheid: Lucrezia is slechts een pion, haar ouders houden waarschijnlijk vast van haar maar ze heeft haar plicht te doen. Een machtige man trouwen dus.

Die machtige man is Alfonso en hij heeft een probleem. Hij heeft nog geen kinderen. Voor alle duidelijkheid: hij had al lang wat buitenechtelijke kindertjes op de wereld gezet moeten hebben maar dat lijkt maar niet te lukken. O’Farrell maakt zo van het begin af aan duidelijk dat Lucrezia een probleem gaat hebben. Kinderloosheid in de 14e eeuw was tenslotte altijd de schuld van de vrouw. Dat Alfonso een wreed heerser en een brute echtgenoot blijkt maakt het leven er niet eenvoudiger op. Lucrezia mag hem op geen enkele voorwaarde tegenspreken, in bed is geen sprake van elkaar liefhebben maar wordt zij avond na avond verkracht.

Door de structuur van de roman versterken de twee lijnen elkaar. Je weet als lezer dat het niet goed gaat aflopen voor Lucrezia, alle hoofdstukken die haar huwelijk beschrijven bevestigen die sombere uitkomst alleen maar. Tegen beter weten in blijft je vervolgens hopen, dat Lucrezia het bij het verkeerde eind heeft en dat Alfonso haar niet gaat doden.

In de handen van een mindere schrijfster had dit waarschijnlijk een gemiddeld verhaaltje opgeleverd. O’Farrell voegt echter iets toe dat zij tot in de puntjes beheerst, haar ongelooflijk bijna fabelachtige schrijfstijl. Beeldend, vol met lyrische of juist dreigende beschrijvingen van Lucrezia’s omgeving, zinnen die soepel over het papier lopen ondanks hun complexiteit. Niet voor het eerst laat O’Farrell zien welk een talent zij is. Haar zinnen en haar taal alleen zijn een reden om deze roman te lezen.

In de recensie van het NRC (december 2022) staat dat O’Farrell in The Marriage Portrait van dik hout planken zaagt maar dan wel wonderschone planken. En dat klopt helemaal. Die wonderschone planken tillen de roman op van gemiddeld naar prachtig.

*men gaat ervan uit dat Robert Browning zijn gedicht My Last Duchess heeft gebaseerd op een portret van Lucrezia de’Medici.



https://www.poetryfoundation.org/poems/43768/my-last-duchess


zondag 8 januari 2023

Caleb Azumah Nelson || Open Water

Caleb Azumah Nelson heeft een roman geschreven die imponeert. Open Water begint als een bijna lyrische tekst over een opbloeiende liefde, maar verandert gaandeweg in een aanklacht tegen de wereld waarin deze liefde had moeten kunnen opbloeien. 

Twee jonge mensen ontmoeten en vallen voor elkaar. Omdat zij net uit een relatie komt met één van zijn vrienden houden ze het eerst bij vriendschap, daarna volgt onvermijdelijk een relatie. Hij probeert een carrière op te bouwen als fotograaf, zij danst.  Allebei hebben ze met dank aan een beurs een opleiding op een privéschool gevolgd, allebei hebben ze te maken gehad met racisme en discriminatie.

Nelson beschrijft hun ontluikende liefde in een prachtige stijl: lyrisch in bewoording, Open Water lijkt af en toe meer op de lange epische gedichten van enkele eeuwen geleden dan op een roman. Opmerkelijk is ook zijn keuze voor een opvallende verteller. De roman is duidelijk geschreven vanuit het perspectief van de mannelijke hoofdpersoon maar wordt verteld door een alwetende verteller die consequent ‘jij’ gebruikt. Een persoonlijk verhaal van één persoon wordt daardoor net iets meer op afstand geplaatst, net iets universeler.

Nelson geeft geen namen: de twee hoofdpersonen blijven ‘jij en zij’.  Ook dit bewerkstelligt dat de roman aan de ene kant een ultrapersoonlijke vertelling wordt met aan de andere kant een veelbetekenende universele laag. Eén ding is wel meteen duidelijk: beide hoofdpersonen zijn zwart. Muziek is een verbindende factor in hun leven. Door samen oortjes te delen maar ook in clubs waar ze uren achter elkaar dansen.  Allebei genieten ze van rappers als Isaiah Rashad, Kendrick Lamar. Zwarte mannen met scherpe, harde teksten waarin veel kritiek op de maatschappij blijkt*. Een significante keuze van Nelson.

Op een gegeven ogenblik maakt de ontluikende liefde plaats voor de factoren die de liefde in de weg staan. Dan blijkt met name de mannelijke hoofdpersoon getekend door racistische incidenten. Incidenten die hem nu verhinderen om zich open te stellen voor zijn vriendin. Hij durft zijn echte gevoelens met haar niet te delen, vlucht letterlijk uit haar leven. Nelson beschrijft deze incidenten dan, laat zien hoe ze het leven van zijn hoofdpersoon hebben beïnvloed. De roman verandert dan van lyrisch naar een felle, verdomd goed geschreven aanklacht.

Juist omdat Nelson de ontluikende liefde zo mooi beschreven heeft, zo prachtig heeft omschreven welke gevoelens twee mensen voor elkaar koesteren, viel de aanklacht rauw op mijn dak. Ik heb ook nog steeds het idee dat ik die nog een keer moet herlezen om echt te vatten wat er staat. Kort samengevat: een zwarte knul in Engeland krijgt te maken met consequente intimidatie door de politie, wordt consequent vijandig benaderd, krijgt te vaak te maken met geweld. Zoals gezegd, geen gemakkelijke boodschap maar helaas nog steeds realiteit. 

Nelson bewijst dan wederom zijn kracht als schrijver door een soepele overgang te maken van aanklacht naar de toekomst van zijn twee hoofdpersonen. Of ze ooit weer samen komen is de vraag, dat ‘jij’ zijn ervaringen met racisme en discriminatie benut voor zijn kunst, muziek en fotografie, is hoopgevend. De boodschap blijft echter overweldigend.

Nelson heeft een overweldigend debuut geschreven. Hij bewijst met Open Water dat hij in staat is lyrisch over liefde te schrijven en tegelijkertijd een vlammende aanklacht tegen onrecht. Hij is daarmee niet alleen een uitstekende auteur maar ook de stem van (jonge) mannen die stelselmatig worden geconfronteerd met racisme en discriminatie.



 


Park by Isaiah Rashad

 

Isaiah Rashad - Park

Mama I knew I was 'bout it
Way before venue was crowded
Way before Kevin pulled up with that Reverend
I told him to level, go fuck on the feelings
Don't nut on her face
Trust me I feel like the man
Trust me I feel like the Wop, rock
You can depend on the stock, watch
Bitch I got ten in the pot, crock
All of my limits could die
All of y'all niggas
All of my limits could die
Look at you timid as fuck
And you holding me up
And I'm trying to be Nicki Minaj
Rich as a bitch in the drop
Rich as a bitch, rich as my bitch on the side
Hoe I got more than you know, hoe I got
Look, watch, spill out your soul in the closet
Don't question your passion
We flipped that reefer we couldn't be ashing
They got me so high that I look like I'm passive
Bitch, don't you know who you asking?
Bitch have you tutored the pastor?
I know the root and the master
I know the coupe was a casket
I had that bitch looking like all the shit that I'm writing
That shit was so good that I passed it
Bust that shit straight out the plastic
Bitch I ain't good bitch I'm crafty
I want to piss on a rapper
I just got hookers and pampers
Niggas line up when I practice
I'm not a savage, I don't do shit just to do it
This going precise as we planned it
I'm just a bandit, plus I'm as sharp as a tack or a guillotine right at your family
Keep it so candid, knock ya like she said some candy
You down for this shit? Are you Brandy?
Find a mechanic, tell 'em I pay 'em in fabric
3500 in traffic

Nigga I'm savvy
I look more Cuban than Maverick, the metal, the tube of the handle
Nigga I'm savvy, wait (hey)
Wait, look, nigga I'm savvy
I look more Cuban than Maverick, the metal, the tube of the handle
Nigga I'm savvy
I look more Cuban than Maverick, the metal, the tube of the handle
Nigga I'm swagging
Bitch I might shoot at your Camry
Bitch I might shoot at your camera
Nigga what's happening?
Niggas won't piss on your grave
Bitch I might piss on your family
Nigga what's happening?
Bitch I might shoot at your camera
Bitch I might shoot at your
Nigga what's happening?
I look more Cuban than Maverick, the metal, the tube of the handle
Nigga I'm savvy

Back-back, to the back-back, to the frozens and the BB's
Way before ya, way before ya thought I told ya
It's alot on the line
These hoes wanna ride on the line
These hoes ain't no bible of mine
Back-back, to the back-back, to the frozens and the BB's
If sixteen ain't enough
I could swing it twenty-five
I could tell ya how to go
I could tell you where to ride
I could tell you where the—

 

 

zondag 4 december 2022

Douglas Stuart || Young Mungo

Blijkbaar is het op bepaalde Britse universiteiten al de gewoonte om de tere zieltjes van studenten literatuur te beschermen tegen de inhoud van bepaalde romans. ‘Wees voorzichtig, Austen en Brontes schrijven vrouwonvriendelijk! Wees voorzichtig, Shakespeare is racistisch en seksistisch!”. Ik vrees voor Douglas Stuart dat Young Mungo zoveel waarschuwingen krijgt dat de tere zieltjes er niet eens aan beginnen. En om heel eerlijk te zijn, dat snap ik dan ook nog.

Young Mungo kan vrij gemakkelijk worden samengevat: Mungo is een puber die zijn ontluikende gevoelens voor hetzelfde geslacht begint te ontdekken. Helaas voor hem groeit hij op in een achterbuurt van Glasgow in de jaren tachtig van de vorige eeuw waarin geen ruimte is voor dat soort gevoelens. Een man is een man is een man en voor de rest geen onzin, of wil je soms een pak slaag krijgen? Mungo krijgt dat pak slaag niet maar wordt door zijn moeder Mo-Maw wel zonder blikken of blozen meegestuurd met twee mannen die zij vaag kent van AA om samen te gaan vissen. Iedereen snapt dat dit vragen om problemen is. 

De roman start met Mungo die vertrekt met de twee mannen en eindigt met Mungo die alleen weer terugkeert naar Glasgow. In de tussenliggende hoofdstukken vertelt Stuart hoe eea zo gekomen is en schetst hij vooral een ontluisterend beeld van de wijk waar Mungo opgroeit. Een volksbuurt waarin werkloosheid is toegeslagen met dank aan ene mevrouw Thatcher en waar jongeren zonder enig perspectief opgroeien. Agressie is de gebruikelijke taal; op jonge leeftijd leren kinderen al dat zij de keuze hebben tussen slaan of geslagen worden. Degene die afwijkt wordt beschimpt en belachelijk gemaakt.

Mungo is een gevoelige knul; hij past totaal niet in de wereld waarin hij opgroeit. Het trieste is dat hij helaas ook niet in staat lijkt een uitweg te zien. Hij ziet alleen maar het pad dat grote broer Hamish heeft uitgezet (drugs, gangs en geweld) en snapt niet dat goede resultaten op school hem beter zouden helpen. Ook wanneer hij James ontmoet, een katholieke buurjongen, en de twee langzaam maar zeker gevoelens ontwikkelen voor elkaar is Mungo niet in staat te kiezen voor deze gevoelens.

Stuart heeft een redelijk zwart-wit verhaal geschreven met hoofdpersonen die dicht tegen prototypes aanschurken. Zo heeft Hamish weinig uitleg nodig: werkloos, drugs, op zijn 18e al vader, vechten, neerkijken of iedereen die anders is. Hij kijkt dus ook neer op zus Jodie die wel degelijk haar best doet op school en daardoor naar de universiteit kan.  En ontmoedigt Mungo om deze route te volgen: een echte man heeft maar één keuze. De onderbuurman, homo, single en zwaar gepest in de buurt, is een ander soort prototype: de man met het hart op de juiste plek die juist doet wanneer dat nodig is en anderen helpt, maar zich ondertussen wel verschuilt in zijn huisje uit angst voor ...

Mungo’s wereld is eentje van armoede, geweld en verwaarlozing. Het is ook een wereld van wanhoop over keuzes die voor mensen gemaakt zijn. Vrouwenmishandeling is aan de orde van de dag; één van de mooiste scenes in de roman is die waarin de bovenbuurvrouw voor de zoveelste keer door haar echtgenoot in elkaar geslagen is en waarin zij uitlegt aan Mungo en Jodie dat zij hem begrijpt, dat zij snapt dat zijn wereld in elkaar gestort is door zijn werkloosheid. En die fijntjes aan broer en zus meedeelt dat zij toch zouden moeten begrijpen dat je kunt blijven houden van iemand die je slaat, die je verwaarloost.

Die wereld van armoede, geweld en verwaarlozing wordt door Stuart rucksichtslos beschreven. Ik weet niet wat erger was: de expliciete beschrijvingen van geweld of wat er tussen de regels doorsijpelde? De zware verwaarlozing door Mungo’s moeder, haar egoïsme, de totaal stupide besluiten die zij neemt? De totaal verziekte kijk op de wereld van Hamish die ook zelf meegesleurd is in een spiraal van geweld en criminaliteit? De vader van James die zijn puberzoon weken achter elkaar alleen thuis laat zodat hij geld kan verdienen op een booreiland? Maar hem ondertussen wel in elkaar ramt omdat hij niet op meisjes valt?

De wereld van Mungo is schokkend. Stuart ramt deze wereld bij zijn lezers erin, zonder enig mededogen. Alleen de onderbuurman en bovenbuurvrouw zijn lichtpuntjes in deze inktzwarte van alcohol, drugs en geweld doordrenkte wereld. De lezer moet tot aan de allerlaatste bladzijdes wachten om enige menselijkheid van Mo-Maw en Hamish te verwachten. Ik ben persoonlijk blij dat Stuart eindigt met een open einde: hij laat aan Mungo de keuze tussen de wereld die hij kent of eentje die hem nieuwe mogelijkheden biedt.

Young Mungo is een roman die een inktzwart beeld schetst van een keiharde wereld. Ik heb de roman meerdere malen met een kreet van afschuw weggelegd en dichtgeslagen. Stuart is duidelijk op zijn best wanneer hij een dergelijke wereld schets. Of de lezer daar altijd van gelukkig van wordt is een tweede. Wees gewaarschuwd.  



 

zondag 27 november 2022

Ali Smith || Companion Piece

Mag ik heel eerlijk toegeven dat ik best wel wat moeite had met deze Ali Smith? Ik was zoals gewoonlijk onder de indruk van haar prachtige taalgebruik, maar wat ze nu precies wilde met Companion Piece …?  Ik had de hulp van The Guardian nodig om de roman te doorgronden. En toen vielen er wat kwartjes.

Companion Piece is niet voor degenen die eventjes snel een boek willen lezen en er daarna vooral niet meer te veel mee bezig willen zijn. Companion Piece vraagt tijdens het lezen al veel van de lezer en blijft daarna in je hoofd hangen. Dat komt juist omdat de roman niet meteen doorgrond kan worden. Je moet moeite doen om door te dringen in de haarvaten van de roman.

Het is meteen duidelijk dat de hoofdpersoon midden in Covid-19 zit. Haar vader ligt in het ziekenhuis en het is maar de vraag of hij het gaat overleven. Het maakt dat Sandy, onze hoofdpersoon, menselijk contact mijdt opdat ze, wanneer dat weer kan, haar vader kan bezoeken. En dan meldt zich Martina Pelf-Inglis, een oud studiegenote die Sandy al lang vergeten was maar die nu van grote invloed op haar leven gaat zijn. Ze presenteert haar namelijk met een dilemma dat heel kort samengevat bestaat uit de keuze tussen ‘curlew ó curfew’. Overigens heel erg benieuwd hoe de vertaler dat oplost: wulp ó avondverbod klinkt beduidend minder spannend.

In Companion Piece krijgt de wulp een andere dimensie door toevoeging van een verhaal dat ergens in de Middeleeuwen speelt. De hoofdpersoon uit dit verhaal, een jonge vrouw die een begiftigd smid blijkt, wordt opgejaagd en verdreven omdat zij zich niet houdt aan de mores van het land. Een vrouw die paarden beslaat en nog beter dan mannen ook, het moet niet gekker worden. Tijdens haar zwerftochten ontfermt zij zich over een jonge wulp die niet meer van haar zijde wil afwijken. De wulp wordt daarmee een symbool voor onafhankelijkheid, voor het maken van eigen keuzes. En tja, dan krijgt dat dilemma ‘curlew ó curfew’ opeens een andere dimensie.

En blijkt Martina te staan voor mensen die geen keuzes willen maken, die ook in moeilijke tijden eigenlijk geen rekening willen houden met andere mensen, bijvoorbeeld door zich te houden aan 1,5 meter afstand. Martina hield als student al geen rekening met Sandy, als vrouw van middelbare leeftijd doet ze dat al helemaal niet. Helaas voor Sandy krijgt deze nu ook de complete familie van Martina erbij: moeder, dochters en echtgenoot verdrijven haar op een gegeven ogenblik letterlijk uit haar eigen huis. Smith schakelt dan probleemloos over naar absurdisme.

Martina staat ook voor de mensen die niet snappen wat er speelt. Het is niet voor niets dat zij het dilemma ‘curlew ó curfew’ aan Sandy voor legt. Het is ook niet voor niets dat haar dilemma zich voordoet wanneer ze voor haar museum een eeuwenoud, prachtig gesmeed slot ophaalt (ziet u de link met de smid al? Bij mij duurde dat wel even.). Martina en haar gezin zijn enkel en alleen in staat vanuit hun eigen perspectief te redeneren, abstractere vraagstukken, vraagstukken op wereldniveau doorgronden zij niet.

Zoals gezegd, ik had wat hulp nodig bij het doorgronden van de roman. Het is zelfs zo dat nu, enkele weken nadat ik de roman gelezen heb, kwartjes eindelijk vallen. Companion Piece is geen makkelijk te verteren brokje, de roman vraagt om tijd en reflectie. Tijdens mijn studie Engelse Taal- en Letterkunde vond ik het niet meer dan normaal dat ik een roman twee keer las. Vaak vielen stukjes pas bij tweede lezing op hun plaats en snapte ik wat ik had gelezen, met een zeer bevredigende ‘aha- beleving’ als resultaat.

Mijn waardering voor Companion Piece bleef tijdens het lezen nog even achterwege. Pas door na te denken over wat ik gelezen had, werd duidelijk hoe Smith zaken aan elkaar gekoppeld had en hoe ze haar problematiek had verstopt in ingenieus aan elkaar gelinkte verhalen. Ik vermoed dat een tweede lezing  bevestigt dat Companion een meesterwerk is.




 

zondag 20 november 2022

Maddie Mortimer || Maps of Our Spectacular Bodies

 

Booker Prize Longlist 2022

Maddie Mortimer heeft een indringende roman geschreven. Het onderwerp, terminale kanker, zal nooit licht zijn. De wijze waarop Mortimer heeft verwoord hoe kanker toeslaat is uitzonderlijk. Het sterfproces van hoofdpersoon Lia biedt Mortimer daarnaast de mogelijkheid om haar te laten terugkijken op essentiële momenten in haar leven.

Mortimer laat ‘de kanker’ aan het woord. Alle vet afgedrukte tekst, komt uit de mond van de kankercellen. Zij beschrijven hun aankomst, hun zegetocht, hun gevecht tegen ‘red’, de ultieme chemokuur die Lia krijgt en hun overwinning. ‘Kanker’ geeft ook commentaar op de persoon Lia, op de mensen om haar heen. Omdat ‘kanker’ natuurlijk onlosmakelijk met de persoon Lia verbonden is, ontkom je niet aan de indruk dat haar onderbewustzijn op deze manier commentaar geeft op de mensen om haar heen, op haar leven.

Naarmate de roman vordert, vloeien Lia en ‘kanker’ in elkaar over. Een fysiek proces, de groei van hersentumoren en het effect van morfine, krijgt zo een heel andere lading. Mens en ziekte zijn één, kunnen niet van elkaar gescheiden worden. Dit wordt nog benadrukt door het spel met typografie: woorden dansen soms letterlijk over de pagina, zijn op afwijkende manier gezet. Omdat er maar weinig lange hoofdstukken voorkomen in Maps, meestal beperkt Mortimer zich tot korte alinea’s of zelfs enkele zinnen, benadrukken typografie en de lengte van teksten het ziekteproces.

Lia en haar familie en vrienden komen ook aan het woord, in cursief. Soms heel kort, soms lange stukken tekst. Mortimer slaagt er zo in hun gevoelens, hun worsteling met Lia’s aanstaande dood inzichtelijk te maken. Alle normaal afgedrukte tekst komt uit de mond van de verteller. Deze rapporteert aan ons vanaf het moment dat Lia te horen gekregen heeft dat haar kanker teruggekeerd is tot het moment dat ze daadwerkelijk sterft. De verteller staat in het heden maar gaat ook terug naar het verleden. Het commentaar van de verteller maakt mede dat de lezer ervaart hoe Lia en de mensen om haar heen haar sterfproces ervaren.

Lia heeft een benauwende opvoeding gehad door streng religieuze ouders die niet echt wisten wat ze met hun – in hun ogen – rebelse dochter aan moesten. Zo tekent Lia prachtig, later maakt ze daar ook haar beroep van, maar snappen haar ouders niet wat ze tekent, waarom ze tekent. Wanneer haar ouders een pupil van haar vader, de dominee in het dorp, in huis opnemen, snappen ze net zo min welk effect zijn bijna voorkeursbehandeling heeft op hun dochter. Zij voelt zich door hem nog minder begrepen. Uiteindelijk leidt dit tot een (tijdelijke) breuk met haar ouders.

Mortimer verwoordt alles in prachtig proza, onafhankelijk van het perspectief dat ze op dat moment kiest. Kanker, verteller en de mensen krijgen mooie, diepe gedachtes in hun mond gelegd. Naarmate het sterfproces van Lia vordert, worden haar uitingen chaotischer. Soms denkt ze iets en blijkt uit de tekst van de verteller dat haar omgeving haar niet meer bereikt. Zo dragen ook de woorden die Mortimer kiest bij aan het effect dat haar roman beoogt.

De lezer wordt op uitzonderlijke wijze meegenomen in een onafwendbaar proces en ervaart door Mortimer’s unieke vertelwijze hoe het proces iedereen raakt. Maps is geen makkelijke roman maar intrigeert van begin tot einde. Ik was diep onder de indruk van het spel tussen personages, tekst, structuur en typografie.




zondag 30 oktober 2022

Candice Carty-Williams || People Person

Vooropgesteld: ik heb me  kostelijk geamuseerd met People Person. Candice Carty-Williams heeft een roman geschreven met een aantal aanstekelijke hoofdpersonen waar ik mijn hart aan kon verpanden. Ik dacht echter dat ik een literaire roman zou gaan lezen en, hoe leuk dan ook, dat was People Person beslist niet. 

In People Person vinden vijf broers en zussen (met vier verschillende moeders) en één vader elkaar wanneer één van hen in de problemen dreigt te raken. Ondanks het feit dat ze elkaar tijdens hun jeugd wel helemaal één keer hebben gezien, staan ze dan toch klaar om zus Dimple te helpen. Het spreekt voor zich dat Nikisha, Danny, Lizzie, Prynce en Dimple in de loop van de roman naar elkaar toegroeien en op pagina 343 niet langer broer en zus in naam zijn. Hun familieband is dan wellicht hechter dan wanneer ze wel samen opgegroeid waren.

Vader Cyril is niet gemaakt voor het vaderschap. Hij doet niet eens zijn best en heeft altijd wel een of ander excuus om uit het leven van zijn kinderen te blijven. Van een financiële bijdrage aan hun opvoeding heeft hij nog nooit gehoord, sterker nog, hij bedelt om geld bij hen wanneer hij weer is blut is.  Tegen het einde van de roman blijkt dat zijn eigen jeugd in belangrijke mate heeft bijgedragen aan dat gedrag. Zijn levenslust en charme maken dat iedereen bereid is hem veel te vergeven; sommige van de moeders zijn diep in hun hart stiekem nog steeds een beetje verliefd. Voor degenen die net als ik geen aflevering van Death in Paradise hebben gemist, bij de verfilming van People Person komt maar één persoon in aanmerking om Cyril te spelen: Danny John-Jules aka Dwayne Myers.

People Person heeft een hoog slapstick-gehalte met name waar het gaat om de reden dat Dimple hulp zoekt bij haar broers en zussen. Ik dacht eerst nog bij mijzelf dat de slapstick-situatie een opstapje was naar een serieuzer thema maar nee. Dat wil niet zeggen dat Carty-Williams niet klink en klaar duidelijk maakt dat het vijftal in de maatschappij minder kansen, krijgt, harder moet werken en eerder met de politie in aanmerking dreigt te komen door hun huidskleur. Absoluut maar het is niet voldoende om het lichtvoetige thema te compenseren. 

Dimple is een influencer, met te weinig volgers om te kunnen zeggen dat ze succesvol is. Toch blijft ze die enkele honderden volgers trakteren op berichten en filmpjes. Onder andere over het feit dat ze het (voor de zoveelste keer) heeft uitgemaakt met vriendje Kyron. Carty-Williams geeft wat commentaar op de vergankelijkheid van het influencer-bestaan en laat de broers en zussen vaak aan Dimple vragen wat ze nu precies in het leven wil bereiken. Net zo als Carty-Williams natuurlijk ingaat op het feit dat Kyron losse handjes heeft en dat Dimple’s moeder haar ondanks haar 30 jaar nog wel heel erg bemoederd en betutteld. Dat de rollen af en toe zijn omgedraaid wanneer alcohol in het spel is, maakt voor de roman niet zoveel uit. Carty-Williams blijft lichtvoetig.

Oftewel, een kostelijke roman die zeker raakt aan maatschappelijke thema’s maar ze eerder lichtvoetig dan serieus benadert. Is dat een probleem? Nou nee. Waarom zou het uitmaken of iemand een serieus probleem verwerkt in een amusante roman, moet dat persé zwaar en gedragen? Zeker wanneer het zo soepeltjes en vloeiend wordt opgeschreven als in People Person. Carty-Williams heeft een enorm talent en dat moet ze vooral benutten.

Ik vermoed dat Carty-Williams niet in de voetsporen gaat treden van illustere voorgangsters als Tony Morrison, ik hoop dat Carty-Williams wel in de voetsporen treedt van de Ierse schrijfster die een meester is in romans die een serieus thema lichtvoetig aanvliegen: Marian Keyes. En voor alle duidelijkheid: dat is een enorm compliment! Slechts weinig schrijvers kunnen zich met haar meten. Ik word alleen al blij bij de gedachte dat ik nog vele jaren kan blijven genieten van hun romans.



 

 

zondag 2 oktober 2022

Alan Garner ||Treacle Walker

 

Booker Prize Shortist 2022

Wanneer deze roman wint, dan is het voor het eerst sinds tijden dat ik werkelijk geen idee heb waar de roman over gaat. Ik heb via de recensie in de Guardian een poging gedaan maar zelfs dan snap ik het nog niet.

In de roman ontmoet een jongetje een reizende handelaar die lompen verruild voor porselein en bot. De keuze van het jongetje voor een bepaald schaaltje blijkt een keuze voor een reis naar het onbekende, naar het magische. Hij ziet met zijn luie oog opeens een andere wereld dan met zijn goed werkende oog. Hij snapt niet waarom en wat hij met dit cadeau aan moet.

Het jongetje heeft vast een familie maar die komt in de novelle niet voor. Hij ligt alleen op zijn bed en meet tijd af aan het passeren van een trein. Dan is het ‘nu’.  In de nieuwe werkelijkheid ontmoet hij een gnoom die in het moeras woont dat grenst aan het huisje waarin hij woont. Die laat hem zien hoe het ene oog de weg laat zien door het moeras terwijl het andere oog deze juist verbergt.

Het jongetje ontmoet ook drie stripfiguren die met dank aan zijn nieuwe kracht tot leven komen. Die stripfiguren springen van hun pagina de echte wereld in, later kan het jongetje de opeens lege strip weer vullen met de stripfiguren. Blijkbaar, zo zegt de Guardian, staat dit voor een spel met tijd: deze is eindeloos en niet vast te leggen. Zo ook de personages: op de laatste pagina van de roman neemt het jongetje de plek in van de reizende handelaar en start aan een nieuwe reis.

Ik geloof meteen dat dit allemaal zwaar symbolisch is en dat we het vooral niet te letterlijk moeten nemen. Ik vermoed dat een tweede lezing misschien een kwartje doet vallen en dat ik dan wel snap hoe ik moet kijken naar tijd en oneindigheid. Nu denk ik vooral ‘het zal wel’.

Blijft natuurlijk de vraag of ik nu zo gecharmeerd ben van een roman die wel heel erg tegen ‘phantasy’ aanleunt. Het is niet voor niets dat ik zelden tot nooit iets uit dat genre leest. Ik heb gesmuld van Lord of the Rings met elfen en orks, heb heel wat tegen phantasy aanschurende  Arthuriaanse romans gelezen maar die hadden allemaal een vrij concrete basis: het gevecht tegen goed en kwaad. Die basis, die ik blijkbaar wel nodig heb, mis ik in Treacle Walker.

Oftewel, geen succesvolle kennismaking met Alan Garner. Ik vrees dat het bij deze ene roman zal blijven. Mocht Treacle Walker winnen dan zal ik geamuseerd naar de uitleg van de jury luisteren. Ik geef me gewonnen.



 

zondag 23 januari 2022

Andrew Michael Hurley || Devil’s Day

Devil’s Day begint intrigerend genoeg. Een vader jaagt met zijn blinde zoon in een landschap dat door Hurley meteen zo wordt neergezet dat je nu niet denkt ‘daar ga ik van de zomer eens naar toe’. Ergens in de loop van de roman merkte ik echter dat ik me wat begon te ergeren aan de roman. Ik kon de keuzes die betreffende vader maakt gewoonweg niet meer volgen.

In Devil’s Day neemt Hurley ons mee naar een nogal troosteloos stukje Engeland; een onherbergzaam gebied waar weinig werk is, keuterboertjes proberen in hun levensonderhoud te voorzien en de natuur blijkbaar weinig uitnodigt tot economie-bevorderend toerisme. Het dorp waar hoofdpersoon John zijn net-zwangere echtgenote Kat mee naar toeneemt, is armoedig en vervallen. John’s vader is één van die keuterboertjes; opa ‘de ouwe’ is net overleden. Beide mannen werken hard, onder zware omstandigheden.

John’s terugkeer voor de begrafenis van ‘de ouwe’ maakt dat Hurley ons kan meenemen in de geschiedenis van het dorp. Daadwerkelijke geschiedenis maar ook meer traditionele aspecten. Endlands blijkt zo’n dorp dat een speelbal is geweest van rijke en adellijke Britten; zij hebben er gejaagd (op wild en op elkaar), zij hebben pogingen gedaan om textielindustrie van de grond te krijgen. Wereldoorlog Een heeft dat alles stopgezet. Eigenaren zijn verdwenen, de boeren zijn gebleven.

Traditie is rijkelijk aanwezig in Endlands, en dan vooral de traditie om op de dag in het najaar waarop de schapen weer dicht bij huis gestald worden de duivel uit te drijven. Hurley beschrijft hoe in het verleden de duivel in één winter in het dorp heeft thuisgehouden en meerdere doden op zijn geweten heeft. Totdat één bewoner op het idee kwam om hem te misleiden en zo het dorp uit te jagen. Succesvol. Dat wordt nu elk jaar herhaald. Wat een levendige traditie lijkt, blijkt naarmate het boek vordert bittere noodzaak. Traditie verandert gestaag in horror, nu bepaald niet mijn favoriete genre.

Er is nog iets dat gestaag verandert in de roman: de houding van John. Eigenlijk alleen terug voor de begrafenis van zijn opa, blijkt hij uiteindelijk in het dorp te willen blijven om zijn vader te helpen met de boerderij. Voor mij kwam die omslag te onverwacht en overtuigde me dan ook niet. De enkele verwijzing naar een gesprek dat leraar John heeft met de directeur van zijn school over klachten die zijn ontvangen over de ongeïnspireerde wijze van lesgeven, gaven voor mij in ieder geval onvoldoende aanwijzing dat John terug wilde naar het platteland.

Het wereldje in Endlands is klein: de drie boerenfamilies en wat gezinnen die een stukje verderop wonen. Veelal werkzaam in de plaatselijke slachterij. Met name met één gezin zijn de verhoudingen bepaald gespannen. John wil niet naar een makkelijke wereld terugkeren, het is dan ook te begrijpen dat Kat niet staat te springen. Zij wordt behandeld als een teer, verwend vrouwtje dat aan niets gewend is en het zware leven in Endlands zeker niet aan kan.

John wordt naarmate de roman vordert steeds enger, de natuur wordt steeds somberder en dreigender, de spanningen in de gezinnen lopen op. En dan komt de dag waarop de duivel uitgedreven moet worden. Wat tot dan toe nog gezien kon worden  als symboliek verandert dan echt in horror. Ik moet eerlijk bekennen, voor mij had deze wending niet gehoeven. Ik had kunnen leven met een duidelijke verwijzing naar een te levendig geloof in traditie.

Hurley gebruikt in Devil’s Day de overtuigende trap ietwat te vaak. Ik weet dat het veel regent in Engeland maar toch, in Endlands lijkt het alleen maar te regenen. Die natuur wordt zo beschreven dat alles duister, ontoegankelijk en troosteloos lijkt. Nu zou het natuurlijk kunnen dat Endlands inderdaad net in dat ene stukje Engeland ligt waar de natuur niet overtuigt,  ik kan me echter niet aan de indruk onttrekken dat Hurley de negatieve kanten van Endlands wel erg zwaar aanzet en de positieve kanten behoorlijk onderbelicht laat.

Oftewel, ik was niet overtuigd door Devil’s Day. Hurley schrijft mooi maar de opzet van deze roman en de verdere uitwerking slagen in mijn ogen niet. Dat ik helaas geen fan ben van horror en dan ook niet warm loop voor een einde dat er te dicht bij in de buurt komt, helpt natuurlijk niet. 




zondag 16 januari 2022

Meg Mason || Sorrow and Bliss

Er was een groot risico dat ik Sorrow and Bliss zuchtend naast me neer had gelegd. Weer zo’n roman over een jonge vrouw die haar leven niet op orde heeft, ondertussen verdomd succesvol blijkt te zijn en eigenlijk niets te klagen heeft. Dan blijkt al snel dat hoofdpersoon Martha wel degelijk reden tot klagen heeft. 

De roman start op het feestje voor Martha’s 40e verjaardag. Het feestje dat zal leiden tot een breuk met haar echtgenoot Patrick. Vanaf dat moment neemt Mason ons mee terug in Martha’s leven en legt zij uit hoe eea zo gekomen is. Te beginnen met Martha’s ouders, allebei artistiek, allebei niet in staat om in hun levensonderhoud te voorzien, een moeder die haar dochter emotioneel behoorlijk verwaarloost. Martha’s tante is degene die het gezin financieel ondersteunt. Mason maakt meteen de moeilijke relatie tussen beide gezinnen duidelijk: afhankelijkheid, dankbaarheid (of niet), familieverplichtingen, eenvoudig is het niet. 

Ergens in Martha’s pubertijd krijgt ze last van depressies. Psychologen en psychiaters worden bezocht, medicijnen worden geslikt, Martha blijft echter vanaf dat moment last houden van depressieve buien. Omdat Martha de ik-figuur is in de roman en we daardoor alleen haar perspectief krijgen, ontstaat daardoor het beeld van een vrouw die somber is, die van het ene toevallige baantje in het andere struikelt en vooral met dank aan familie en echtgenoot Patrick overleeft.  

De breuk tussen Patrick en Martha is het breekpunt in de roman. Vanaf dat moment moet zij alleen aan de bak. En dat gaat niet van een leien dakje, Martha gaat zo op in haar eigen verdriet dat zij niet in de gaten heeft dat ze de grens van haar dierbaren overschrijft. Zelfs haar zus met wie ze een behoorlijk intensieve relatie heeft, geeft haar te kennen dat het genoeg geweest is. Een nieuw bezoek aan een psychiater zorgt voor een schok.

Waar eerder eigenlijk nooit een diagnose gesteld werd, blijkt deze man meteen te weten wat haar mankeert. Martha heeft ‘……..’ (een bewuste keuze van Mason om niet de aandacht te vestigen op een bestaand ziektebeeld). Indien die diagnose jaren eerder was gesteld, had Martha de juiste behandeling kunnen krijgen en, niet onbelangrijk, hadden zij en Patrick kinderen kunnen krijgen. Iets dat door andere psychiaters steeds afgeraden is. Haar moeder blijkt al lang geleden het zelfde vermoeden gehad te hebben; niet vreemd: haar halve familie leed eraan en zijzelf ook. Martha neemt haar dat hogelijk kwalijk en wil maanden niet met haar spreken. Begrijpelijk. 

Sorrow and Bliss is een soortement volwassenwordingsroman maar dan eentje waarin de hoofdpersoon wat laat aan volwassen worden begint. Veertig is niet meteen de leeftijd die je dan in gedachten hebt. De roman verloopt na de breuk tussen Martha en Patrick en haar diagnose met het gebruikelijke patroon van dergelijke romans: probleem, probleem, probleem, bewustwording, nog meer bewustwording en dan langzaam maar zeker (in dit geval behoorlijk geholpen door medicijnen) de weg naar daadwerkelijke volwassenheid en herstel van de relaties met de andere volwassen in je omgeving. En dat doet Mason goed. 

Sorrow and Bliss is een stevig opgebouwde, soepel geschreven roman die gestaag toewerkt naar de essentiële momenten in het leven van de hoofdpersoon. Op het moment dat zij de fase van volwassenheid ingaat, komt er letterlijk ruimte voor de stemmen van haar omgeving. Martha is dan pas daadwerkelijk in staat te horen wat zij zeggen, echt naar hen te luisteren. Dan komen – in de woorden van haar familie – de positieve en sterke kanten van Martha naar boven. Het feit dat zij zo iemand is die op een feestje onnadrukkelijk altijd het centrum van de aandacht is, het feit dat ze verdomd goed schrijft. Zij hopen allemaal dat volwassen Martha nu daadwerkelijk haar kracht laat zien. Volwassen Martha realiseert zich gelukkig dat ze kleine stapjes moet zetten en niet teveel tegelijkertijd moet oppakken.

Zoals gezegd, mijn eerste vrees dat Sorrow and Bliss over een verwend prinsesje zou gaan bleek ongegrond. Mason heeft een overtuigende roman geschreven die laat zien hoe diep een psychische stoornis ingrijpt in het leven van iemand en haar omgeving, zeker indien de diagnose uitblijft. Martha blijkt een kwetsbare heldin die in ieder geval mijn sympathie gekregen heeft. Ik had af en toe medelijden met haar omgeving die het nogal te verduren had maar Mason maakte gaandeweg onomstotelijk duidelijk dat Martha die sympathie verdiende.  




zondag 21 november 2021

Francis Spufford || Light Perpetual

Booker Prize Longlist 2021

Tijdens een bombardement komen vijf kinderen in London in 1944 om. Spufford heeft hen in Light Perpetual een tweede kans gegeven: de bom valt niet, ze leven door. Wat dan?  Verandert de wereld omdat zij blijven leven? Wordt ons duidelijk dat hun dood een enorm gemis zou zijn geweest voor de mensheid? Nee, eigenlijk niet.

Vern, Jo, Valerie, Alex en Ben leven geen van allen uitzonderlijke levens, ze hebben onze wereld niet opzienbarend veranderd. Ze hebben op hun eigen wijze wellicht wel bijgedragen aan een aangenamere wereld voor de medemens. Of niet. Vern blijkt een pestkont die ook op oudere leeftijd niet schroomt om andere mensen te misbruiken zolang hij er maar beter van wordt. Valerie valt voor een uitermate onaangename ultrarechtse gewelddadige man die haar meetrekt in een spiraal van geweld. Pas na zijn dood krijgt ze een kans om dit goed te maken.

De vijf, met een enkele uitzondering, leven dus het normale leven van de gemiddelde Brit, of liever gezegd, Londenaar. School, werk, verliefd worden, depressie, trouwen, kinderen krijgen, ouder worden, zorgen om de kinderen, een tweede kans krijgen, hun bescheiden persoonlijke bijdrage leveren aan een beste wel oké maatschappij, alles komt voorbij. En omdat de roman zo’n 65 jaar vanaf 1944 beschrijft, trakteert Spufford ons door het vijftal ook op (aanzienlijke) veranderingen in de maatschappij.

De kansloosheid van kinderen in Zuid-Londen die in de ogen van hun schoolhoofd in de jaren vijftig nooit tot iets zullen worden. De opkomst van neo-nazi’s maar ook die van popmuziek en flower power. De rol van vakbonden die met de komst van nieuwe technologieën steeds meer uitgespeeld raakt, banen die overbodig worden, andere banen die ontstaan. Betere medicijnen en gezondheidzorg die van patiënten weer volwaardige burgers maken. Van strikt in je eigen zuil leven groeien naar relaties met zwarte Britten uit voormalige koloniën. Het passeert allemaal de revue.

Light Perpetual begint met de energie van de bom die al dan niet valt. Die energie heeft Spufford vertaald naar woorden. En hoe. Een energieke stroom aan woorden met ongelooflijk veel bijvoeglijke naamwoorden en gedetailleerde beschrijvingen spat van de pagina’s af. Snel, gevat, kleurrijk en de wereld zo beschrijvend dat die bijna tastbaar wordt. Op het manische af.

En toen merkte ik op een gegeven ogenblik dat het tempo afgenomen was. Geleidelijk aan. Met het groeien van de jaren, het rustiger worden van de personages nam ook de energie in de taal af. Van een explosie aan knap gekozen woorden transformeerde Light Perpetual tot een gestaag kabbelende stroom van woorden,  zorgvuldig gevat in gecompliceerde zinnen. Laten we daar duidelijk in zijn: Francis Spufford zou met haar taalgebruik nooit B1 niveau halen. En wat mogen we daar blij om zijn. De lol van het schrijven spat van de pagina’s af, het plezier bij het lezen van zinnen die bijna een halve pagina beslaan. Genieten, jongens!

Spufford heeft er ook bewust voor gekozen enorme sprongen te maken in de tijd. Ze neemt ons niet mee in synchroon verlopende levens, ze springt steeds jaren vooruit. Dat is aan de ene kant jammer, ik had best willen weten wat er in die tussenliggende jaren gebeurd was. Aan de andere kant maakt dat het de onherroepelijkheid van het ouder worden, en het gevoel dat dit steeds sneller gaat, alleen maar benadrukt. In elke sprong in de tijd komt elk van de vijf weer aan bod, soms wat langer, soms wat korter. Verschillen of juist overeenkomsten tussen de vijf worden daardoor zichtbaar. Afgezien van  hun leeftijd deelt het vijftal weinig.

Spufford heeft een knappe roman geschreven die zeker in het begin wel wat vraagt van de lezer. Er staan zoveel woorden opeen gepropt in de enorme hoeveelheid lange zinnen dat ik meer dan eens terug moest lezen wat er stond. Diezelfde vaart zorgt er echter ook voor dat het bijna een sport is om de eerste hoofdstukken van Light Perpetual te leven. Om dan een explosie van energie uitermate tevreden en voldaan in een steeds rustiger tempo naar het einde toe te werken. Knap, goed gedaan.  




zondag 7 november 2021

Carys Davies || The Mission House

Davies heeft een roman geschreven die niet zozeer gaat om gebeurtenissen als wel om relaties. Of liever gezegd, de manier waarop gebeurtenissen in ons leven ons vermogen bepalen om relaties op te bouwen. Of niet.

Hoofdpersoon Hilary Byrd is een angstig man. Ik vermoed dat hij in werkelijkheid in een hokje was geplaatst: te verlegen, een tikje autistisch. Hoe dan ook, Hilary Byrd is al zijn hele leven bang voor het leven. Hij heeft maar één goede relatie in zijn leven, die met zijn zus. Een mogelijke liefdesrelatie gedwarsboomd door zijn eigen onhandige opereren. Wij zouden zeggen dat Hilary mislukt is op zijn werk. Hij kon nieuwe eisen, luidruchtige en opdringerige collega’s en veranderingen niet aan en is daardoor ziek thuis komen te zitten. Het is absoluut verbazingwekkend dat hij ergens in zijn brein het idee heeft opgevat dat hij, zonder zijn zus, op reis moet. En dan notabene naar een land dat bekend staat om zijn drukte, om zijn overdaad aan indrukken in kleur en geur: India.

En nee, Hilary is niet op zijn plek in India. Wanneer hij hoort over een stad in de bergen waar het rustig en koel is weet hij niet hoe snel hij in de trein moet springen. Om in die trein gered te worden door de Padre, een predikant die na de dood van zijn vrouw onthand is achter gebleven. Hilary mag in het missiehuis logeren. De Padre zelf is geobsedeerd op zoek naar een man met wie zijn protegé Priscilla kan trouwen, zodat hij zeker weet dat ze in goede handen is wanneer hij om welke reden dan ook uit haar leven verdwijnt.

Bij aankomst in het dorp wordt Hilary besprongen door taxichauffeurs. Hij negeert ze allemaal, één van hen helpt hem later bij een valpartij. Hilary beloont deze Jamshed voor deze daad van vriendelijkheid door hem tot zijn persoonlijke chauffeur te bombarderen. Beide mannen gaan elke dag op pad. Er ontstaat een relatie die zeker in de ogen van Jamshed veel betekenis krijgt. 

The Mission House vertelt ons hoe Hilary vaart in het rustige, koele huis en dorp. We krijgen langzaam maar zeker een beeld van een man die het niet gered heeft in onze hectische maatschappij. Die nooit goed geleerd heeft hoe menselijk gedrag te lezen, niet weet hoe hij met andere mensen moet omgaan. Het is dan ook niet vreemd dat Hilary blijft plakken in het dorp. Natuurlijk betaalt hij de Padre een vergoeding voor een verblijf in de predikantenwoning maar toch … Er is weinig besef bij Hilary dat er een tijd van komen en van gaan is.

Niet dat de Padre daaraan bijdraagt. Hij betrekt Hilary namelijk steeds meer in het leven van hem en Priscilla. Hij hoopt dat Hilary Priscilla klaar kan voorbereiden op haar leven met Engelse les, door te leren naaien en bakken. De Padre heeft niet in de gaten dat zowel Hilary als Priscilla met deze lessen andere plannen hebben. Hilary krijgt in ieder geval het idee dat hij meer dan van harte welkom is. Hij heeft niet in de gaten dat hij bepaalde signalen totaal verkeerd interpreteert. 

The Mission House is een roman die het kleine benadrukt. Davies blinkt uit in het gedetailleerd beschrijven van mens en omgeving. Haar schrijfstijl benadrukt dat het leven uit een opeenvolging van kleine, soms positieve soms negatieve gebeurtenissen bestaat. Die opeenvolging van gebeurtenissen maakt dat het leven in de woning door lijkt te kabbelen; de hoofdstukken waarin Jamshed’s neef wordt geïntroduceerd bereiden ons voor op een verrassende wending. 

Davies heeft Hilary knap beschreven. Ik zag de man zo voor me, kon me precies voorstellen waarom hij zo sociaal onhandig handelde. Het drama in zijn leven is overduidelijk. Het is drama op een heel klein persoonlijk niveau maar daardoor niet minder navrant en invoelbaar. Hilary is niet gemaakt voor het leven in een hectische maatschappij, hij mist doodeenvoudig de competenties die daarvoor nodig zijn. Davies behandelt hem met respect, en laat daardoor zien dat deze maatschappij bepaald niet goed omgaat met de mensen die om andere dingen vragen. 

De Padre en Priscilla bleven wat meer clichés: de predikant die het beste voor heeft met de mensheid en niet ziet wat er daadwerkelijk om hem heen gebeurt, de protegé die ongemerkt een eigen leven opbouwt. De relatie Hilary – Jamshed was voor mij niet geheel helder. Ik snap niet echt waarom de oudere taxichauffeur zo gehecht raakt aan Hilary. Voor hem gaat de relatie verder dan zakelijk, voor mij werd niet duidelijk waarom dit voor Jamshed zo belangrijk was. 

The Mission House is een roman die kalm voort kabbelt totdat er opeens een verrassende wending komt die zorgt voor de nodige drama en commotie. Ik heb genoten van de manier waarop Davies gedetailleerd en zorgvuldig het leven van de hoofdpersonen tekende. Het drama in Hilary’s leven was overduidelijk aanwezig, maar door haar leefde ik mee met Hilary en hoopte ik op een bevredigende afloop voor hem.